Drie vragen aan Els van den Bosch, lijstduwer CDA tijdens de Tweede Kamerverkiezingen

ANDIJK – Els van den Bosch, raadslid voor het CDA in de gemeente Medemblik, staat op de verkiezingslijst voor het CDA bij de Tweede Kamerverkiezingen. Maar zoals altijd is West-Friesland zeer slecht vertegenwoordigd in de landelijke politiek en daar moet verandering in komen. West-Friesland is een regio om rekening mee te houden, zowel economisch met bedrijven als de zaadveredelingsbedrijven in de regio Enkhuizen/Andijk, als bedrijven als Action en Hessing Groenten in Zwaagdijk-Oost, waar vele honderden mensen een baan hebben.

Om West-Friesland meer onder de aandacht te krijgen in Den Haag is het natuurlijk wenselijk dat juist iemand vanuit de politiek in West-Friesland daar ook een zetel krijgt, en dan is het natuurlijk het mooist als dit ook nog iemand is uit de gemeente Medemblik.. Daarom stelden wij aan Els van den Bosch 3 vragen over hoe zij de toekomst van West-Friesland ziet en mocht zij via voorkeurstemmen in de Tweede Kamer komen, hoe zij dit wil gaan verdedigen.

DUURZAAMHEID HOE DAN? 

Els van den Bosch(CDA)

We moeten met elkaar de schouders eronder zetten zegt Els van den Bosch (CDA) kandidaat voor de Tweede Kamer. Ze doelt hiermee op de realisatie van het klimaatakkoord van Parijs. De redactie van Medemblik Actueel vraagt haar hoe zij dit dan ziet voor specifiek haar eigen gemeente Medemblik. Van den Bosch concludeert dat er in Medemblik geen draagvlak is voor wind op land (de windturbines) en ook zon op land ligt gevoelig. “Inwoners roepen vaak dat we alle daken vol moeten leggen en daar zou ik graag volmondig ja op zeggen. De daken zijn echter in veel gevallen niet van de gemeente maar van de inwoners of bedrijven zelf. Bovendien zijn niet alle daken geschikt vanwege bijvoorbeeld een onvoldoende zware constructie. Zo eenvoudig is het dus niet en het zal verwacht ik ook nog niet voldoende zijn. Maar ook ik ben voorstander van maximaal inzetten op zonne-energie op dak voor alle gemeente in Westfriesland waar mogelijk. Els van den Bosch benadrukt dat er heel breed ingezet moet worden. Dus zon op land maar dat kan ook door zon boven op parkeervoorzieningen. Creatieve en innovatieve oplossingen zijn en blijven altijd welkom. “In mijn eigen woonplaats Andijk zit een geothermie hotspot. Nu al maken veel agrarisch ondernemers en kwekers in polder het Grootslag hiervan gebruik.  Een ideale optie zou je denken voor de woningen in de dorpen Andijk en Wervershoof. Maar het is gewoon nog te vroeg. Toekomstmuziek. Onze gemeente ziet op de korte termijn kansen voor elektrisch verwarmen en gaat met een viertal wijken starten in de plaatsen Medemblik, Andijk, Wognum en Wervershoof. In Nibbixwoud, Zwaagdijk-Oost en Medemblik gaat de gemeente aan de slag met warmtenetten op bedrijventerreinen. Inwoners kunnen ook zelf hun steentje bijdragen. Denk aan isoleren, koken op inductie, ledlampen gebruiken, tochtstrippen plaatsen. Van den Bosch: “Of de stekker van je extra koelkast eruit halen wanneer deze toch niet of weinig wordt gebruikt”. 

LANDBOUWGRONDEN OPOFFEREN? 

De Nederlandse Vereniging van Projectontwikkelaars (NEPROM) beweert dat de bestaande woningbouwplannen de woningtekorten niet zullen oplossen. Zij zeggen dat we in plaats daarvan de weilanden moeten volbouwen met woningen. De CDA-fractie van de gemeente Medemblik vindt dit wel heel kort door de bocht. Ook Medemblik heeft diverse bouwplannen en de CDA’ers hechten aan woningbouw in al hun 17 kernen. Piet Ligthart: “”Waar de nood het hoogst is, zul je toch aan de gang moeten. Daar waar het binnenstedelijk niet kan, zou je kunnen kijken naar gronden aan de randen van die dorpen. Landschappelijke inpassing en ontsluiting wegen dan zwaar in de te maken keuzes”. Voorop staat de bescherming van vitale landbouwgronden. Dat gaat om het veiligstellen van de voedselzekerheid en de toekomst van het platteland. Maar, zegt Els van den Bosch (CDA) “Ook het wonen en dus het bouwen is essentieel voor de toekomst van het platteland. Het CDA ziet een stevige regierol voor het Rijk om de woningbouw in ons land te versnellen. Gemeenten kunnen heel goed zelf bepalen waar er exact gebouwd gaat worden”. 

ARBEIDSMIGRANTEN BIJ BEDRIJVEN HUISVESTEN DOEN OF NIET DOEN? 

Els: “Als ik moet kiezen uit doen of niet doen dan zeg ik: doen. De buitenlandse werknemers, zeker de kortblijvers, komen hier om hard en veel te werken en dan is het heel praktisch om bij het werk te wonen. Ze beschikken veelal over een auto of een fiets om naar de winkel te gaan en hoewel men aan de vergadertafels vaak zegt dat ze een recreatieruimte met een tafeltennistafel willen, hoor ik hierover zelf heel andere geluiden. Ze willen een eigen slaapplek en ter ontspanning vermaak een steigertje om te vissen en eventueel een moestuin. Concluderend: vraag wat zij nodig hebben, niet wat wij denken te moeten realiseren.