Medemblik Actueel.

Algemeen Videos

Unieke vondst bij renovatie havenhoofd Medemblik (video)

Medemblik – Tijdens de vernieuwing van het havenhoofd van Medemblik is deze waterbouwkundige ontdekking gedaan. De palen herbergen de resten van de ‘paalwormcrisis’ van bijna 300 jaar geleden.

Bij het trekken van een rij oude palen van het havenhoofd, bleken deze beslagen met tienduizenden wormspijkers. Na bijna 300 jaar kwam deze wonderlijke wijze van verdediging tegen de zee weer boven water. De kopspijkers elk vormden de enige bescherming tegen de gevaarlijke paalworm. Deze mossel vrat na 1730 in korte tijd vele palen van de zeewering in het Zuiderzeegebied aan. Dit betekende een acuut gevaar, de dijken stonden op instorten. De vondst van deze wormspijkerpalen geeft aan welke kapitale inspanningen de Zuiderzeestad in korte moest leveren om te voorkomen dat de dijken en dammen wegspoelden. Niet eerder werden dergelijke palen in zulke hoeveelheden teruggevonden.

Onderzoek

Het onderzoek wordt in de komende dagen voortgezet. De verwachting is dat zowel uit het veldonderzoek als de studie in het archief meer gegevens tevoorschijn komen over deze hachelijke periode in de Nederlandse waterstaatsgeschiedenis.

De vondst in Medemblik

Afgelopen vrijdag werd tijdens archeologisch onderzoek geconstateerd dat de historische rij palen was getrokken om plaats te maken voor een stalen damwand. De palen bevatten elk duizenden spijkergaten en soms ook nog hele plakken met elkaar overlappende wormspijkers. De maakwijze van deze arbeidsintensieve oplossing kon goed worden bestudeerd. Per strekkende meter paalwering waren ongeveer 10.000 spijkers nodig. De maatregel werkte omdat geen wormgaten zijn gezien.

Mogelijk hangt de vondst ook samen met de bouw van nieuwe zeehoofden door de stad in 1775-76. Deze waren door zware ijsgang geheel vernietigd, zelfs het havenlicht was in zee gestort. Medemblik investeerde toen in twee jaar omgerekend € 1,5 miljoen Euro in paalwormbestendige havenhoofden, een kapitaal bedrag, ook voor die tijd. Aan wormspijkers werd omgerekend bijna 7 ton Euro uitgegeven.

In de periode na de crisis bleef de paalworm actief in de Zuiderzee. De oplossing voor de dijken lag in het aanbrengen van een borstwering van natuursteen, de paalworm lustte geen steen. Bij havenhoofden en andere delen aan open zee bleef de wormspijkerpaal tot rond 1850 in gebruik. Daarna werden tropische houtsoorten, vooral uit Suriname, toegepast. Dit hout was te hard voor de paalworm.

De paalwormcrisis van 1730

Door een samenloop van omstandigheden nam het aantal paalwormen in de Zuiderzee explosief toe. Het diertje was al aanwezig in de zoute Hollandse wateren. Door de thuiskomst van schepen van de VOC waar in de scheephuid het beestje zich had ingevreten, werd dit effect versterkt. De paalworm voedde zich met het eiken- en grenenhout dat alom aanwezig was in de versterking van de dijken. In de periode 1730-1734 ontstond een ware ramp. De versterking van de Nederlandse zeedijken liep acuut gevaar om dat zeer veel palen waren vermolmd door de vraat van deze 60 cm lange mossel. Het dier legde maar liefst 3 miljoen eitjes per jaar. Een directe oplossing moest worden gezocht.

Na beraadslaging en het nemen van proeven, bleek het betimmeren van de palen met miljoenen gesmede wormspijkers de snelste maar ook dure oplossing. In de Medemblikker smederijen moet het in deze jaren een volcontinu productie van kopspijkers zijn geweest. Na dat de palen gereed waren, werden deze in de bodem langs de dijk geheid, de dijken waren voor even gered.

Reageren via facebook